In een scene gebeuren met pijn twee verschillende dingen. Soms trekt pijn je samen. Je adem wordt kort, je lichaam spant, je vlucht in je hoofd weg van wat er gebeurt. Soms doet pijn het omgekeerde. Je adem wordt dieper, je lichaam ontvangt, je aanwezigheid groeit. Je raakt het contact niet kwijt, je valt erdoorheen.
Dezelfde intensiteit kan het ene moment openen en het andere sluiten. Wat verandert is niet de pijn zelf. Wat verandert is wat je lichaam vandaag aankan, het ritme van de scene, het contact met je Dominant, wat eraan voorafging.
Leren dit te voelen is de helft van het werk. De andere helft is leren het te benoemen terwijl het gebeurt. Wanneer pijn sluit, is doorzetten niet moed maar schade. Wanneer pijn opent, is stoppen niet voorzichtigheid maar gemiste ruimte.
Twee zinnen helpen. “Het sluit.” Of: “Het opent.” Geen lang signaal, geen uitleg nodig. Een Dominant die je kent, leert ze lezen.
Een gesloten moment hoeft geen einde te betekenen. Soms volstaat een ander ritme, een korte verzachting, een hand die anders ligt. Soms is het wel een einde. Wat het was, weet je beter naarmate je vaker hebt gevoeld wat er met je gebeurde.
Pijn die opent en pijn die sluit
11
Jun
