Loading...

Toen het touw losging

Toen het touw losging

Toen het touw losging
Het was donderdagavond, november. Geen bijzondere plannen. Touw, een uur, daarna eten. Niets waar je vooraf zenuwachtig voor wordt na acht jaar samen.
Mijn sub deed haar shirt uit op de zetel. De schaar lag binnen handbereik. We dronken water. Ik wilde een nieuwe afwerking proberen voor de TK, iets dat ik op een paspop had geoefend. We bespraken hoe lang, het veilig woord. Standaard.
Wat ik niet deed, en wat ik me pas later besefte, was de afwerking eerst rustig op mijn sub testen, los van een scene. Een paspop ademt niet, beweegt niet, spant niet onverwacht.
Ik bouwde de TK op zoals altijd. Eerste wikkeling boven de borst, tweede onder de borst, armen achter de rug, polsen tegen elkaar. Tot daar deed ik wat ik honderd keer had gedaan.
Bij de afwerking koos ik voor de variant. Ik trok de friction aan. Het zat strak, maar zonder klik. Geen moment waarop het touw zegt: nu staat het.
Dat had ik moeten horen.
Ik vroeg of haar vingers bewogen. Ja. Of ze kracht had. Ja. Wat ik niet vroeg was of ze ergens iets voelde tintelen. Dat was er. Mijn sub vertelde het me later. Een prikkel in haar linkerhand, niet alarmerend, het soort dat je negeert wanneer je niet wil dat het stopt.
Ik begon op te bouwen. Een hand op haar schouder, een verschuiving van haar gewicht naar achteren. En toen ging de friction los.
Een halve seconde of twee. De hoofdwikkeling verloor zijn spanning. Eén wikkeling gleed naar beneden, een wikkeling rond de polsen liet één pols los, het hele bouwsel zakte ineen.
Mijn sub stond. Haar evenwicht was opgebouwd rond de spanning van het touw. Toen die wegviel, viel zij. Ik stond achter haar, mijn hand al op haar onderrug. Ik kon haar grijpen voor ze ver kwam. Ze raakte de grond niet.
We bleven staan. Ik hoorde mijn hart in mijn oren.
Toen vroeg mijn sub: wat gebeurde er?
Ik haalde wat van het touw nog hing weg. Geen schaar nodig. Pijn? Nee. Iets dat niet hoorde? In mijn linkerhand prikkelt het. Dat had ze al voor de scene gevoeld. Ik vroeg haar duim te bewegen. Het ging, moeizamer dan rechts. Een lichte zwakte in het strekken van de pols.
Tegen de volgende avond waren de tintelingen weg. We hadden geluk. Dat is de juiste woordkeuze. Geen verdienste, geen kunde. Geluk.
Wat blijft, ook als het lichaam herstelt, is iets in het hoofd. Mijn sub sprak een week lang niet over touw. Ik durfde mijn touwen niet aan te raken.
Tot we het deden, op een zondagavond. We hadden allebei iets gemist. Ik had een nieuwe techniek in een scene geprobeerd in plaats van eerst los te oefenen, en de friction toch losgelaten terwijl ik voelde dat hij niet klopte. Mijn sub had de strakte herkend als niet helemaal juist en niets gezegd omdat ze de scene niet wilde onderbreken voor wat misschien niets was.
Wat me bijblijft is niet de schrik. Het is dat ik op het moment van het voelen niet luisterde naar wat ik voelde. Dat is geen technische fout. Dat is iets anders.
Mijn sub vroeg me onlangs of ik hier nog vaak aan denk. Ja, zei ik. Niet als trauma. Als referentie.